ABBA voedingssupplementen, is dat merkinbreuk?

Beatles zonnebrillen, Rolling Stones koelkasten of Queen autobanden… wanneer kun je de naam van een bekende band gebruiken als merk voor je producten?

Vorig jaar speelde er al een zaak over de naam Metallica als merk voor rozen, waartegen de gelijknamige band met succes bezwaar maakte. Nu heeft de Europese merkenautoriteit zich onlangs uitgesproken over de naam ABBA.

Het Engelse bedrijf ABBA Nutrition zocht merkbescherming voor de naam ABBA voor onder andere voedingssupplementen, medische goederen, dranken, distributiediensten voor supplementen, restaurant- en hoteldiensten en medische diensten.

De beroemde Zweedse band maakte hier bezwaar tegen op basis van haar merk ABBA voor muziek.

Normaliter geldt merkbescherming alleen voor producten en diensten waarvoor een merk is ingeschreven en soortgelijke producten en diensten, waarbij verwarringsgevaar onder consumenten centraal staat. Voor bekende merken ligt dat anders. Die kunnen optreden tegen alle merken die de reputatie van hun merk schaden of daar ongerechtvaardigd voordeel uit halen. De kernvraag hierbij is of het jongere merk bij consumenten een verband oproept met het bekende oudere merk.

Er kunnen verschillende redenen zijn waarom die ‘mentale link’ wel of niet bestaat, waarbij de aard van de producten en diensten een belangrijke rol speelt. Bij soortgelijke producten zal die link logischerwijs sneller gemaakt worden. Producten kunnen in hoge mate soortgelijk zijn, zoals CD’s en LP’s of in iets mindere mate soortgelijk, zoals CD’s en muziekinstrumenten, of totaal niet soortgelijk zoals bijvoorbeeld CD’s en ruitenwissers.

Een merk dat zeer uniek is, zoals Pink Floyd, zal vrijwel altijd de rockband in gedachte doen oproepen, ongeacht de producten of diensten in kwestie, terwijl een woord als Queen ook vaak gebruikt wordt in andere contexten. Ondanks de ontegenzeggelijke beroemdheid van bands als Queen of The Beatles, zal men in de context van een koningshuis, een kaartspel of insecten niet snel de link met de beroemde band leggen. In een recente zaak stond de bekendheid van het merk ABBA buiten kijf maar was de cruciale vraag of men bij het zien van het woord ABBA in een totaal andere sector dan muziek, ook aan de band zou denken.

In de beslissing is te lezen dat dat voor een groot deel van producten en diensten uit de merkaanvraag van ABBA Nutrition inderdaad zo is, maar niet voor allemaal. Het bezwaar van de band werd afgewezen voor onder meer medische artikelen, distributie van voedingssupplementen en hoteldiensten. Deze zijn “zo anders” dan muziek dat men het verband met de muziekgroep niet zou leggen, aldus het Europese merkenbureau. 

Een redenering waar wij de nodige vraagtekens bij plaatsen, omdat een aantal van de producten en diensten (bijvoorbeeld voedingssupplementen en smoothies) waarvoor het bezwaar wel werd goedgekeurd ook totaal niets met muziek te maken had. Voor dit onderscheid wordt geen reden genoemd behalve de zeer verschillende aard van de producten en diensten. Bij enkele producten en diensten zal men volgens deze beslissing dus wel een mentale link met het beroemde merk maken, ondanks het gebrek aan soortgelijkheid met muziek, terwijl dit bij andere producten en diensten niet het geval zou zijn.  

Dit onderscheid lijkt arbitrair. Wij zouden pleiten voor duidelijke richtlijnen. Daar hebben beide partijen wat aan.



Auteur: Dennis Bruikman

Bio: Na zijn studie intellectueel eigendomsrecht begon Dennis bij Knijff en hij volgt momenteel de BBMM-beroepsopleiding tot erkend merkengemachtigde. Hij werkt momenteel in het team van Erik Stegeman en heeft affiniteit met technologie, sport en (bord)spellen.

Volgende
Volgende

Emoji is een merk, maar Kikkoman komt ermee weg